Waor hèdde klachte?
Klik op `t pupke waor dè ge dènkt dèt de pijn zit !
De elleboog
De elleboog is een gewricht dat zich bevindt tussen het opperarmbeen in de bovenarm en het spaakbeen en de ellepijp in de onderarm. Tussen de botten onderling en tussen spieren en botten lopen gewrichtsbanden en pezen. Rond het ellebooggewricht zitten veel belangrijke zenuwen die naar de onderarm en de hand lopen.
Er zijn drie botstukken die ervoor zorgen dat de elleboog kan bewegen: de bovenarm en in de onderarm de ellepijp en het spaakbeen. Door deze botstukken worden ter hoogte van de elleboog drie gewrichten gevormd: het gewricht tussen bovenarm en ellepijp; het gewricht tussen bovenarm en spaakbeen en het gewricht tussen spaakbeen en ellepijp.
De bovenarm bevat twee grote spiergroepen:
- de biceps, waarmee de elleboog wordt gebogen,
- de triceps, waarmee de elleboog wordt gestrekt.
De knobbel aan de buitenkant van de elleboog is de epicondylus lateralis en die aan de binnenkant de epicondylus medialis. Hier bevinden zich de aanhechtingen van pezen en spieren. Op de punt van de elleboog ligt een slijmbeurs, net onder de huid, om de wrijving tussen het bot en de zachte weefsels op te vangen.
Twee spieren in de onderarm (pronator teres en pronator quadratus) draaien de onderarm naar binnen toe. De tweekoppige spier (biceps) en een spier in de onderarm (supinator) draaien de onderarm naar buiten toe. Aan de buitenzijde van de elleboog ontspringen op de bovenarm de strekkers van de pols en vingers, aan de binnenzijde de buigers van de pols en vingers.
Bron: werkendlichaam.nl
Er zijn drie botstukken die ervoor zorgen dat de elleboog kan bewegen: de bovenarm en in de onderarm de ellepijp en het spaakbeen. Door deze botstukken worden ter hoogte van de elleboog drie gewrichten gevormd: het gewricht tussen bovenarm en ellepijp; het gewricht tussen bovenarm en spaakbeen en het gewricht tussen spaakbeen en ellepijp.
De bovenarm bevat twee grote spiergroepen:
- de biceps, waarmee de elleboog wordt gebogen,
- de triceps, waarmee de elleboog wordt gestrekt.
De knobbel aan de buitenkant van de elleboog is de epicondylus lateralis en die aan de binnenkant de epicondylus medialis. Hier bevinden zich de aanhechtingen van pezen en spieren. Op de punt van de elleboog ligt een slijmbeurs, net onder de huid, om de wrijving tussen het bot en de zachte weefsels op te vangen.
Twee spieren in de onderarm (pronator teres en pronator quadratus) draaien de onderarm naar binnen toe. De tweekoppige spier (biceps) en een spier in de onderarm (supinator) draaien de onderarm naar buiten toe. Aan de buitenzijde van de elleboog ontspringen op de bovenarm de strekkers van de pols en vingers, aan de binnenzijde de buigers van de pols en vingers.
Bron: werkendlichaam.nl



